´De grootste onderdelen van bankverzekeraar SNS Reaal zijn de bank SNS en de verzekerings- maatschappij Reaal, en daaronder zit nog een aantal dochterondernemingen. Wij zitten helemaal aan de top, en zijn bezig de directie te adviseren of ze in bepaalde aandelen moeten stappen, en dat soort zaken.´ Aldus Bert van Dijk, medewerker Group Risk Management bij SNS Reaal.
´Waar ik nu bijvoorbeeld voor werk is Pricing,´ zegt Bert, ´en Pricing stelt vast wat de rentetarieven zijn voor hypotheken. Ze bekijken daar hoe een rente is opgebouwd, want die rente hangt van allerlei zaken af: dat je de gebouwen moet onderhouden tot aan hoe duur het voor SNS is om geld uit de kapitaalmarkt te trekken, en wat voor rente zij daarvoor moeten betalen. Dat laatste is waar ik vooral mee bezig ben.´
De afdeling waar Bert werkt, Group Risk Management (GRM) is onderdeel van de grotere afdeling Balansbeheer en Risicomanagement (BRM). ´Op die grotere afdeling werkt in totaal een man of 50, en wat die voornamelijk doen, is het beheersen van de kredietrisico's van de hele groep, dus van SNS Reaal en de dochterondernemingen die daar onder zitten.´
Niet bang voor formules
´Het zijn voornamelijk econometristen en wiskundigen die hier rondlopen. Er wordt veel met stochastiek gedaan, maar ik kom zelf meer van de partiële differentiaalvergelijkingen. Ze zoeken vooral mensen die niet bang zijn voor al dat soort formules. Er wordt redelijk veel met de Black-Scholes formule gerekend, dat is een bekende formule uit de economie voor opties op aandelen, over wanneer je ze moet kopen en verkopen.´
´Gisteren heb ik een training gehad omdat we met een nieuw computerprogramma gaan werken. Dat heeft te maken met een nieuwe wetgeving. Je hebt internationale financiële wetgeving, die zegt dat banken aan bepaalde eisen moeten voldoen, het Basel I akkoord. Die wetgeving gaat binnenkort veranderen, dat wordt dan het Basel II akkoord genoemd. Een voorbeeld uit het Basel I akkoord is dat een bank voor elke 100 euro die ze uitlenen, zelf ergens 8 euro op een rekening moet hebben staan. Met Basel II verandert die wetgeving, zodat dat bedrag van 8 euro afhangt van wie het geld leent.´
´Als iemand een lening niet terug betaald, dan moet je als bank wel voldoende geld hebben om je hoofd boven water te houden. Nu zegt Basel II dat het maar net afhangt van degene aan wie je het geld uitleent. Als je 100 euro aan Shell uitleent, dan is dat heel iets anders dan dat je 100 euro aan je kleine neefje uitleent. Shell, dat is een groot bedrijf, die komen wel met dat geld. Je kleine neefje heeft misschien alleen zijn zakgeld, dus dat is wat risicovoller. Basel II is meer op risico's geënt.´
Praktische percentages
´Waar ik nu mee bezig ben, zijn de hypotheekprijzen, die percentages die je in de bankkantoren of in vitrines ziet hangen. Die percentages worden op dit moment in Excel gemaakt, met behulp van die 8 euro regel. De nieuwe wetgeving gaat uit van het risico van het uitlenen, en dat kun je niet meer in een Excel-sheetje doen. Daarvoor is een programma aangeschaft, zodat we kunnen laten zien dat we ons netjes aan het risico houden.´
´Hiervoor heb ik twee jaar als Business Intelligence Consultant gewerkt bij Logica CMG. Ik had verwacht dat ik daar veel meer met wiskunde bezig zou zijn, maar dat was helemaal niet zo. Ik miste dat. Ik vind het wel heel belangrijk dat er nog wat praktische dingen aan een wiskundig probleem vastzitten, al is het alleen maar om het aan je vader en moeder te kunnen verkopen. Ik vind het leuk om een praktisch probleem in de theorie te trekken, en dan met die theorie verder te gaan, maar uiteindelijk wel te weten dat het ergens over gaat.´
Een denkpatroon
´Voor mij was het eigenlijk geen optie om iets anders te gaan studeren dan wiskunde, het voelde gewoon goed. Van alle vakken op de middelbare school vond ik wiskunde altijd het leukst om te doen. Ik wist toen al dat ik naar die toepassingen zocht, en ik ben eerst naar Delft gegaan om daar te gaan studeren. Daar kwam ik nog niet echt aan studeren toe, ik had in mijn eerste jaar niet genoeg punten gehaald. Toen ben ik naar de Hogeschool van Amsterdam gegaan, omdat ik dacht dat ik de universiteit niet aan kon. Maar op een gegeven moment bleek dat ik daar bezig was docenten dingen te leren, terwijl ik zelf niks meer bijleerde. Toen was het niet zo interessant meer, en ben ik aan de UvA opnieuw begonnen met wiskunde. Toen heb ik steeds een 50%-baan er naast gehad om mijn studieschuld af te betalen.´
´Af en toe ben ik in de trein of 's avonds nog wel met wiskunde bezig. Sommige dingen zijn gewoon interessant, en dan ga je daar wat over lezen. Wiskunde is volgens mij een denkpatroon. Mensen die wiskunde gaan studeren hebben gewoon aanleg voor zo'n denkpatroon, en die maken dat zichzelf eigen. Het zorgt ervoor dat je op een bepaalde manier gaat nadenken over dingen.´
Bron: interviewer: Charlotte Vlek