De Wtp vereist een meer gedifferentieerde en transparante benadering van risicomanagement
In dit eerste deel van het tweeluik schets ik de contextuele verschuiving die de Wtp teweegbrengt, de hoofdlijnen van het risicomanagementraamwerk, en de impact van de nieuwe wet op dat raamwerk. Ik sluit af met een bespreking van de Eigen Risico Beoordeling (ERB) als centraal instrument in de nieuwe context.
In het tweede deel ga ik in op de nieuwe accenten in het risicomanagement, de gevolgen voor governance en structuur, en de praktische vervolgstappen die fondsen kunnen zetten.
Een contextuele verschuiving in het pensioenstelsel
De overgang naar de Wtp luidt een fundamentele verandering in van het Nederlandse pensioenlandschap. Waar voorheen sprake was van collectieve risicodeling, integrale solidariteit, nominale pensioenaanspraken zonder veelal harde toezegging op indexatie, en ruime discretionaire bevoegdheden voor besturen, verschuift het stelsel nu naar:
- gerichte risicodeling en strikter gedefinieerde solidariteit, met name binnen leeftijdscohorten en via specifieke reserves;
- persoonlijke pensioenkapitalen, waarbij iedere deelnemer zijn eigen kapitaal opbouwt;
- afhankelijkheid van beleggingsresultaten, met name in de opbouwfase en de uitkeringsfase;
- gesloten contracten. waarin de ruimte voor beleidsmatige bijsturing door het bestuur nagenoeg is verdwenen en het contract ex ante de regels en verdeelmechanismen bepaalt.
- [....]